Vakmanschap

Geen time-out mogelijk

Maatwerkoplossing

De doorbraak

Nainas dochter Tarah wordt in besloten behandelcentrum de Koppeling geplaatst, precies op het moment dat Naina in scheiding ligt na een gewelddadige relatie.
Naina weet niet hoe ze haar dochter moet bereiken, laat staan helpen. Ze is zelf beschadigd, in haar jeugd en in haar relatie, en ze wil voorkomen dat haar dochter hetzelfde pad gaat bewandelen. Maar hoe?
Nel blijkt een van de weinige hulpverleners – en Naina heeft er in haar hele leven veel gezien – waarbij ze het gevoel heeft open te mogen zijn. Ze heeft het gevoel echt geloofd te worden, voelt zich niet bekritiseerd en krijgt door de gesprekken met Nel weer hoop dat het uiteindelijk met Tarah beter zal gaan.
Nel besteedt veel aandacht aan Naina en aan de relatie tussen Naina en Tarah. Ze laat Naina voelen dat ze er mag zijn, dat ze mag zijn wie ze is, en dat ze gelukkig mag zijn. Sterker nog, als Anjali gelukkig is, helpt dat haar dochters.
In de gesprekken blijft ze Tarah erbij halen, ook als die fysiek niet aanwezig is. Zo zorgt ze dat Naina Tarah niet loslaat, hoe moeilijk dat soms ook is. Uiteindelijk wordt de relatie beter.

Lees meer over de geschiedenis van Naina en Tarah...

Terug naar home

Niet hetzelfde pad

Als haar 15-jarige dochter Tarah in besloten behandelcentrum de Koppeling wordt geplaatst, heeft Naina al een heel leven met hulpverleners en instellingen achter de rug. Na een strenge jeugd in een religieus Hindoestaans gezin wordt ze op haar 15e moeder van Tarah, met wie ze de eerste 2,5 jaar in een opvangtehuis voor jongen moeders woont. Ze krijgt daarna nog een dochter van dezelfde man, met wie de relatie niet goed is.

Als Tarah in de puberteit komt, gaat het niet goed. Tarah loopt weg, gaat om met ongure types en is soms ineens een week vermist. Naina: ‘Ze vertoonde extreem puberaal gedrag en werkte alles en iedereen tegen. Grenzen bestonden voor haar niet.’

Grenzen bestonden voor haar niet

De gezinsvoogd besluit dat Tarah voor haar eigen veiligheid naar de Koppeling moet. Naina ligt dan net in scheiding en is getekend door de relatie met de vader van Tarah, waarin de spanningen regelmatig hoog opliepen en de drie vrouwen – Naina, Tarah en Tehzeeb continu op eieren moesten lopen. Naina: ‘Een verkeerde beweging of verkeerde zin en het was klaar. Ik was een klein bang vogeltje geworden. Toen hij ook de kinderen geweld aan ging doen, wist ik dat ik verandering in mijn leven moest aanbrengen. Ik moest aan alle touwtjes trekken die ik maar kon vinden en alle hulp accepteren.’

Precies in die turbulente periode wordt Nel vanuit de Koppeling de gezinsbegeleider van Naina, Tarah en Tarahs vader. Naina: ‘Ik zag aan Nel meteen dat ze ervaren was. Ze keek eerst de kat uit de boom. Om goed uit te vinden hoe wij allemaal in elkaar zaten, Tarah, ik en de vader van Tarah.’

Ze keek eerst de kat uit de boom. Om goed uit te vinden hoe wij allemaal in elkaar zaten, Tarah, ik en de vader van Tarah.

Nel blijkt Naina nog te kennen uit de tijd dat Naina 15 was en op de meidenopvang woonde. ‘Dat was een zwarte periode uit mijn leven. Ik herinner me Nel daarom niet. Bijzonder is wel dat Tarah in diezelfde meidenopvang heeft gezeten, op dezelfde kamer en op dezelfde leeftijd als ik destijds.’ Naina wil niet dat Tarah hetzelfde pad bewandelt als zijzelf, maar ze weet niet hoe ze dit moet verhinderen.

Iemand die je gelooft

Naina: ‘Ook al ging het toen om mijn dochter, bij Nel had ik het gevoel dat ik ook mijn eigen crap bij haar neer kon leggen. Zij was destijds de enige die mij echt geloofde. Dat vergeet ik nooit meer. Ik heb met haar gehuild en gelachen, en wat ik ook zei: Nel gaf me altijd het gevoel dat het ook anders kon. Ze kon me behoeden voor fouten, op zo’n manier, dat je je niet als klein kind behandeld voelt. Ze sprak je aan als een vriendin. En dat was precies wat ik toen nodig had in mijn leven. Een luisterend oor. Iemand die je gelooft. En die je kan helpen, en er voor je is.’

Ik zag haar niet als hulpverlener

‘Nel trekt geen conclusies, ze doet niet alsof ze het beter weet. Je ziet en hoort aan alles dat ze ervaring heeft. Ik heb veel hulpverleners in mijn leven meegemaakt. Die zeggen dan: je moet het zus doen, je moet zo doen. Maar zo werkt het niet in real life. Iedereen is anders, en iedere situatie is weer anders. Als een mens echt empathie heeft, dan zie je dat. Dan ben je een mensen-mens. En dat is Nel.’

‘Ik zag haar niet als hulpverlener. Voor mij was ze zoals een moeder hoort te zijn. Geduldig, afwachtend, iemand die mét je praat en niet tegen je. Iemand die je gelooft en die je zélf je fouten laat inzien. Die met je lacht en met je huilt.’

Geduldig, afwachtend,
iemand die mét je praat en niet tegen je.

‘Nel bleef in die tijd maar zeggen: geduld, geduld. En je moet weten, mijn dochter was 16 en ging met een kerel van 30. Maar ze bleef zeggen: die jongen blijf qua gedrag 30, maar Tarah wordt ouder, die gaat volwassen worden. Oh, wat waren we allebei opgelucht toen het eindelijk voorbij was.’

Verbinding houden tussen moeder en dochter

Naina: ‘Nel heeft een gigantische rol in mijn leven gespeeld. Ze had snel door hoe ik in elkaar zat, en heeft me geholpen mezelf weer terug te vinden. Ik heb niet echt iets letterlijk geleerd van haar, nee, ze heeft me dingen zelf laten inzien. Ze liet me zien hoe ik als persoon was en hoe ik in het leven stond. Want dat was ik in die tijd helemaal kwijt. Ik wist niet meer wie ik was.’

Ik heb niet echt iets letterlijk geleerd van haar,
nee, ze heeft me dingen zelf laten inzien.

‘Ze leerde me loslaten. Ik hield me vast aan het ideale plaatje van papa, mama en kinderen. Ik kom zelf uit een gebroken gezin waar we veel hebben meegemaakt. Dat wilde ik niet. Maar Nel hielp me in te zien dat als als ik gelukkig ben, dat mijn dochters dat ook zijn. Dat ik door goed voor mezelf te zorgen, ik ook goed voor mijn meiden zorg. Maar ik was zo bang om mezelf te ontdekken. Ik had alles weggedrukt, ik leefde als een robot zonder gevoel. Toen ik eenmaal een eigen woning had, leek het alsof ik een snelcursus leven kreeg.’

‘Nel heeft een grote rol gespeeld in de hereniging tussen mij en Tarah. Ik heb lang gedacht dat ik mijn oudste dochter kwijt was. Nel heeft me geholpen mezelf terug te vinden en stap voor stap kreeg ik zo ook mijn dochter terug. Mijn dochter zei me: ‘dit is de mama die ik kende van vroeger’. En als dan je dochter naar je toekomt en zegt: ‘mama, ik ben trots op je, dan denk ik ‘ja, en ik ben trots op mezelf!’

‘Ondertussen leerde ik iemand kennen via internet, een fijne rustige man die in het Christendom zat en iemand zocht om als vrienden door het leven te gaan. Ik wilde altijd al weg uit Amsterdam, en in 2016 kreeg ik een woning toegewezen in Friesland. Twee weken voor mijn verhuizing kwam ik erachter dat ik zwanger was. Toch wilde ik niet halsoverkop bij hem intrekken. Ik heb 3 jaar met mijn jongste dochtertje op mezelf gewoond. Afgelopen maand zijn we samen gaan wonen.’

‘Tarah heeft ook een dochtertje gekregen, die is nu een jaar oud, dus ik ben nu ook oma. We spreken elkaar heel veel, we videobellen bijna elke dag.’

‘Tot slot wil ik nog zeggen: ik heb genoeg situaties meegemaakt waarin ik zag dat de hulpverlening niet werkte. Dan was er weer iemand op de opvang die in zijn kantoortje zat en ineens zei: ‘Tarah, die heeft een achterstand.’ En dan moest ze naar een kinderpsychiater, in een vreemd kantoor, met vreemd speelgoed, en ja, natuurlijk komt er dan niks uit, en staart ze alleen maar voor zich uit. En de conclusie was: Tarah heeft een achterstand. Stempel, klaar. Zo snel gaat dat.’

Ga naar de mensen thuis, ga met ze wandelen,
zie hoe die mensen zijn en handel dáárnaar,
en niet naar wat er in het boekje staat.

‘Gelukkig waren er destijds mensen die voor mij gestreden hebben dat ze niet bij me weggehaald werd. Ik kreeg een woning in Amsterdam Noord, ik ging parttime werken en Tarah ging naar de opvang.

Ik zou dus willen zeggen: kom van je kantoor af, gooi die boeken opzij, kijk naar mensen en kijk naar hoe ze zijn. Ga naar de mensen thuis, ga met ze wandelen, zie hoe die mensen zijn en handel dáárnaar, en niet naar wat er in het boekje staat.’

 


 

Nel over het contact met Naina

‘Ik ken Naina sinds 2010, toen haar dochter in de Koppeling zat. Ze woont inmiddels in Friesland, waar ik haar onlangs opgezocht heb om afscheid te nemen, omdat ik met pensioen ga. Ik was samen met een collega. Zij zei op de terugweg in de auto: er is niet veel gebeurd. Maar ik zie dat dan anders.

We spraken over de plantjes die zij tegenwoordig verzorgt, verwelkte planten die ze nieuw leven inblaast. Daar ga ik in mee. Ondertussen zit haar jongste dochtertje tegen mijn been aan, en spelen we een spelletje. Ik zie Naina dan trots kijken, met een blik van: ‘ik vind jou leuk, en jij vindt mijn dochter leuk.’

Dat is wat ik doe in gezinnen. Niet uren lullen, en zeggen ‘je moet dit, je moet dat doen.’ Maar wel: ‘je hebt je dochter, daar moet je wat mee.’ Voor mij is de relatie die ik met ouders heb belangrijk. Om hen te laten zien: je hebt een kind. Probeer het gedrag te verdragen. Je kind is complex. Maar probeer in contact te blijven, laat niet los. Ook als je dat moeilijk vindt omdat je bijvoorbeeld zelf losgelaten bent door je moeder. Probeer de geschiedenis iets te veranderen.

Jij hebt je eigen rugzak van thuis uit. Verlicht die van je kind zoveel mogelijk. Ze doet gekke dingen als het niet goed met haar gaat. Vraag wat er aan de hand is wanneer ze foute keuzes maakt. Ik begrijp de pijn en het verdriet, en we voelen dat op zo’n moment met z’n tweeën. Dat is die genereratieproblematiek: laat je je kind vallen of niet? En dan is er nog simpelweg mijn aanwezigheid. Zeven jaar lang ben je er in meer of mindere mate voor iemand.

Soms spraken we veel, en soms weinig. Soms vroeg ze: kun je nu gaan? En dan ging ik, maar ik kwam wel altijd terug. Ik bleef aangeven: je bent de moeite waard. Ik vind jouw dochter de moeite waard. Ik zorgde dat haar dochter in beeld bleef. Door er samen met haar over te praten. Luisteren naar de zorg, de onmacht, maar weten dat er zeer zeker ook liefde is van en naar elkaar. ’

Ik kan de pijn niet wegnemen,
maar ik kan wel laten zien: jullie mogen er zijn!